De stad van Erben: Zwolle

Vraag Erben Wennemars naar zijn favoriete stad en hij antwoordt meteen: “Zwolle!” De meervoudig wereldkampioen schaatsen is er vlakbij geboren en getogen. De enthousiaste sportfanaat is een van de grootste fans van zijn eigen provincie. “Iedere stad in Overijssel heeft zijn eigen verhaal en er is geen landschap hetzelfde, dat vind ik nu zo mooi aan deze provincie”. Een betere ambassadeur kan Overijssel zich niet wensen.

Erben groeide op in het dorp Dalfsen, op zo’n twaalf kilometer van Zwolle. “We waren altijd op Zwolle gericht. Ik ging er naar school en had daar mijn sociale leven. Ik heb er ook tien jaar gewoond. Zwolle is gewoon mijn stad. De stad heeft zich de laatste jaren positief ontwikkeld. Kijk naar de oude binnenstad, museum De Fundatie, de Sassenpoort, de grachten. Er hangt een aangename vibe in de stad”.

De Dalfsenaar – Erben woont na wat omzwervingen alweer geruime tijd in zijn geboortedorp – is trots op Zwolle. “Zo’n Librije bijvoorbeeld. Het is een driesterrenrestaurant, maar wel van een gewone jongen uit Giethoorn die graag met producten uit de omgeving werkt. Je moet in je eigen kracht geloven, en ik geloof heel erg in Zwolle en Overijssel.”

Zwolle mag dan ‘zijn stad’ zijn, Erben heeft wel degelijk oog voor de rest van de provincie Overijssel. “Laatst was ik in Kampen, ook al zo’n oude Hanzestad, daar hebben we in onze provincie meer van. Met een prachtig verhaal over een koe aan een toren. Elke stad in Overijssel heeft wel zo’n gekke stadslegende.”

Het is vooral de diversiteit van Overijssel die de oud-schaatskampioen aanspreekt. “Neem nu Twente. Dat is weer heel anders dan waar ik woon, in het Vechtdal. Met een stad als Enschede die weer zijn geheel eigen dynamiek kent. En wat dacht je van Ootmarsum, dat is Twente pur sang. Ik ben elke keer weer verrast over hoe afwisselend Overijssel is”. Erben is regelmatig op de schaatsbaan in Deventer te vinden: “Ik durf het haast niet te zeggen, maar de binnenstad van Deventer vind ik misschien nog wel mooier dan die van Zwolle. Maar toch is en blijft dat míjn stad”.