Liefde op het tweede gezicht

Gery Veldhuis over Twente: Geluk en verderf

  • Geschreven door Gery
  • 3 minuten opladen
  • 591 x bekeken

In ‘Liefde op het tweede gezicht’ vertellen bekende en minder bekende (oud)inwoners van Overijssel over doodnormale plekken. Die zij dankzij verrassende details of herinneringen zo bijzonder vinden. Dit kan een ogenschijnlijk simpel grasveldje in het dorp zijn, waar vroeger een gebouw heeft gestaan die van belangrijke culturele waarde is geweest. Wat betekent deze plek voor hen? Ontdek het in dit verhaal!

Geluk en verderf

Tussen Almelo en Zenderen liggen het Tusveld en het Nijrees, twee tegen elkaar liggende en in elkaar overlopende buurtschappen. De grootouders van mijn vrouw hebben heel lang gewoond ‘op’ het Tusveld, net iets verder dan het Nijreesbos. Mijn vrouw kwam in haar jeugd heel vaak op die plekken om er te spelen. Zij groeide op aan het einde van de Deldensestraat in Almelo, hooguit een paar kilometer daar vandaan. Zij herinnert het zich als geluk brengende plekken in een gelukkige jeugd. Mijn schoonvader Gerard Kokhuis, Twents streekhistoricus met specialisatie Tweede Wereldoorlog, heeft mij vanaf het moment dat ik omwille van zijn oudste dochter over de vloer kwam, verteld over die buurt. Uiteraard luisterde ik aandachtig en stelde ik geïnteresseerde vragen. Mijn toen nog vriendin vond het wel eens ten koste gaan van andere onderwerpen: Hou er nou eens over op, pap!

Toen wij getrouwd waren, kinderen kregen en in Borne woonden bracht de route naar de Deldensestraat ons door Tusveld en Nijrees. Ook onze kinderen ontkwamen niet aan de kennis van opa. Die zorgde overigens samen met oma opnieuw voor gelukkige episoden in de jeugd van hun kleinkinderen.

En zo zijn geluk en verderf geografisch dicht bij elkaar gebracht

De foto toont twee metalen bollen op stenen kolommen die ook vandaag nog te vinden zijn aan de Maatkampsweg, op het Tusveld. Het zijn overblijfselen uit een V1. Deze bolvormige reservoirs zaten net achter de vleugels van deze vliegende bom en lagen gevuld met zuurstof als het ware midden in het projectiel. In de winter van 1944-1945 werden ze gelanceerd vanaf inrichtingen die opgesteld stonden op plekken in Twente en de Achterhoek. In het Nijrees heeft ook zo’n platform gestaan. Het Twentse landschap leende zich perfect voor zulke inrichtingen. Lang niet elke lancering lukte en zo zullen deze twee bollen wel achter gebleven zijn. Een V1 woog ongeveer 2200 kg, was ongeveer 8 meter lang en bevatte bijna 1000 kg springlading ongeveer 600 liter brandstof onder andere in deze bollen. De eerste uitgaven hadden een actieradius van 250 kilometer. De Duitsers lanceerden ze richting België, met name werd getracht de Antwerpse haven te vernielen en te bedreigen opdat die niet gebruikt kon worden voor de invasie van de geallieerden. Ze hebben veel dood en verderf gebracht, zeker omdat ze nog erg onnauwkeurig in het bereiken van doelen waren: geavanceerde precisiebombardementen zijn van een latere beschaving. De geallieerden op hun beurt hebben in het gebruik van dit wapen mede aanleiding gevonden om Duitse steden te bombarderen. We weten welke ellende dat gebracht heeft.

En zo zijn geluk en verderf geografisch dicht bij elkaar gebracht. En opa vindt het nog altijd heel belangrijk dat zijn kinderen en kleinkinderen dat weten.

Geschreven door Gery

Geboren te Almelo, opgegroeid in Wierden, woonplaats Assen.
Woonde ruim 20 jaar in Borne, daarna 10 jaar in Maastricht.
Werd na het Pius X College in Almelo opgeleid als politieman.
Werkt thans als politiechef van de eenheid Noord Nederland. Heeft ook gewerkt in o.a. Enschede, Almelo en Maastricht.